Mag duurzaamheid een verkoopargument zijn? - Sophie Haeck / Vandemoortele - S01E02
Duurzame verandering begint bij keuzes die werken
Duurzaamheid moet deel uitmaken van je bedrijf. Maar welke rol mag marketing daarin spelen? In de tweede aflevering van de Change is Cool-podcast bespreken Matthias, Wannes en Pascal hoe duurzame innovatie, lokale samenwerking en communicatie elkaar kunnen versterken. Een centrale vraag loopt door het gesprek: hoe maak je duurzame keuzes aantrekkelijk voor klanten én geloofwaardig voor je eigen mensen?
Verduurzaam de keuzes die mensen al maken
De aflevering opent met een praktijkvoorbeeld van Vandemoortele. Sophie Haeck, International Brand Manager voor bakkerijproducten, vertelt over de lancering van brood op basis van ‘low carbon flour’ bij een grote klant in Frankrijk. Daarbij komen lokale inkoop, aangepaste productie, clean label en een kortere afstand tot de klant samen.
Voor Wannes illustreert dit een doeltreffende aanpak: verduurzaam de producten die mensen toch al kiezen. Hoe minder consumenten hun gewoontes moeten veranderen, hoe gemakkelijker ze mee kunnen. Zeker bij dagelijkse aankopen speelt gemak een belangrijke rol.
Ook de manier waarop je die verbetering presenteert, verdient aandacht. Vanuit zijn ervaring met de Franse markt wijst Wannes op de aantrekkingskracht van producten die in Frankrijk zijn gemaakt. Lokale herkomst kan op zichzelf een aankoopargument zijn. Zijn advies: vertrek in je communicatie vanuit wat klanten belangrijk vinden. Het duurzaamheidsvoordeel hoeft niet altijd de hoofdboodschap te zijn.
“Duurzaamheid moet verweven zijn met de werking van het bedrijf”
Lokaal samenwerken begint bij de locatie
Pascal herkent het belang van lokale keuzes in de evenementensector. De locatie bepaalt mee welke leveranciers, materialen en medewerkers je nodig hebt en hoeveel verplaatsingen daarbij komen kijken.
Organiseer je een evenement aan de kust, dan loont het om te bekijken welke partners daar in de buurt beschikbaar zijn. Lokale cateraars, leveranciers en medewerkers kunnen transport en verplaatsingstijd beperken. Volgens Pascal is die manier van werken inmiddels een belangrijk onderdeel van duurzaam evenementen organiseren.
Van toiletpapier naar een breder businessmodel
Tijdens de terugblik op het Change is Cool-evenement komt ook The Good Roll aan bod. Een bezoeker vertelt hoe het verhaal hem inspireerde: een bedrijf dat begon met toiletpapier en verder keek naar productie in Afrika, grondstoffen en impact op lokale gemeenschappen.
Wannes bleef vooral het idee van de ‘Circle of Goodness’ bij. Lokale boeren ondersteunen, lokaal produceren en grondstoffen aanbieden aan andere bedrijven kunnen elkaar versterken. Achter het positieve verhaal ziet hij een doordacht businessmodel.
Tegelijk toont het voorbeeld volgens hem wat marketing kan doen. Zelfs een alledaags product als toiletpapier kan een merk worden waar mensen enthousiast over zijn. Op het evenement kreeg dat verhaal een tastbaar vervolg: de bezoekers kregen zelf een toiletrol mee naar huis.
Eerst je medewerkers, dan de buitenwereld
Sophie Haeck legt vervolgens een bredere uitdaging op tafel. Hoe voorkom je dat duurzaamheid wordt gezien als een marketingargument dat losstaat van de rest van de organisatie? Voor haar moet het verweven zijn met de werking van het bedrijf.
Wannes deelt dat uitgangspunt. Duurzame verandering vraagt de betrokkenheid en expertise van verschillende afdelingen. Circulair ondernemen heeft bijvoorbeeld gevolgen voor de logistiek. Wie de productie beter wil afstemmen op zelf opgewekte zonne-energie, heeft de mensen nodig die de operationele werking organiseren.
Daarom pleit hij voor communicatie van binnen naar buiten. Zorg dat medewerkers en management mee zijn, betrek stakeholders en leveranciers en richt je vervolgens op de buitenwereld. Mensen moeten begrijpen wat er verandert en welke bijdrage zij kunnen leveren.
Eén product kan het begin zijn
Over de rol van marketing brengt Wannes wel een nuance aan. Volgens hem mag een bedrijf beginnen met één duurzaam product en daar actief in investeren en over communiceren. Een eerste succes kan aantonen dat de aanpak werkt en de motivatie geven om verder te gaan.
Daar hoort een duidelijke voorwaarde bij: dat ene product mag geen excuus worden om de rest ongemoeid te laten. Het moet passen binnen een oprecht engagement op lange termijn.
Pascal trekt die gedachte door naar evenementen en activaties. Een eenmalige opruimactie overtuigt weinig als de dagelijkse bedrijfsvoering daar niet bij aansluit. Interne evenementen kunnen medewerkers juist helpen om de ambities van hun organisatie te begrijpen en te ervaren. Dan moeten de keuzes op het evenement wel overeenkomen met wat het bedrijf belangrijk vindt. Een goede briefing en een bureau dat voldoende doorvraagt, zijn daarbij essentieel.
Waarvoor wil je klant betalen?
Ook de prijs komt aan bod. Wannes nuanceert de gedachte dat consumenten niet extra willen betalen voor duurzaamheid. Volgens hem draait het om de bijkomende waarde die een product biedt.
Hij verwijst naar merken als Patagonia, Tony’s Chocolonely en Tesla. In zijn voorbeelden spelen naast duurzaamheid ook een sterk verhaal, rijplezier of een betrokken community een rol. Die voordelen geven klanten een reden om voor het product te kiezen.
Het gesprek keert daarmee terug naar het vertrekpunt: begrijp wat mensen aanspreekt. Maak bestaande keuzes duurzamer, zorg dat je organisatie het verhaal mee draagt en toon welke waarde je product biedt. Marketing kan die verandering helpen groeien, zolang de belofte aansluit bij wat het bedrijf daadwerkelijk doet.